De Faeröer eilanden stonden al een tijd op mijn wensenlijstje en onlangs kreeg ik de kans om deze bijzondere bestemming te bezoeken. Het weer liet zich van zijn ruige kant zien, waardoor één dag letterlijk in het water viel, maar dat ruige weer hoort ergens ook bij de kenmarken van deze eilandengroep. Ondanks de storm heb ik veel kunnen zien en ervaren en ik hoop dat deze indrukken jullie net zo enthousiast maken over de Faeröer als ikzelf.
Algemene info over de Faeröer eilanden
Na aankomst op een zeer kleine luchthaven stond er een bus voor ons klaar om ons over de eilanden te vervoeren. Dit is natuurlijk ook heel goed mogelijk als self-drive reis. Er zijn op de Faeröer eilanden ongeveer 500 km aan wegen en zo’n 22 tunnels. Meteen zagen we de prachtige natuur maar ook de grote hoeveelheid schapen die vrij rondlopen. Faeröer (vroeger Faereyjar) betekent ‘schapeneilanden’ en hier komt ook het nationale symbool (een ram) vandaan. Het eten (ook niet vreemd) is veelal lam op verschillende manieren bereid. Let wel op; ze kennen geen slachthuizen op de Faeröer en het vlees is dan ook niet officieel gekeurd zoals we dat in Nederland kennen. Biologischer zal het overigens ook niet worden.Vestmanna (Streymoy): indrukwekkende kliffen en zeegrotten
We zijn begonnen met een van de meest populaire tours op de Faeröer eilanden: Vestmanna ‘vogel’ kliffen. Op onze tour waren er geen vogels (we waren in oktober, dus te laat voor de vogels) maar de landschappen zijn prachtig, ook buiten het hoogseizoen. We zagen groene kliffen en hoge basaltzuilen die uit de oceaan omhoogsteken. Ook interessant is dat het bootje de grotten in durft te varen die weer een totaal andere wereld laten zien. De tochten starten vanaf Vestmanna (gelegen op het eiland Streymoy) waar ook een nieuwe distilleerderij zit (Faer Isles Distillery), die absoluut de moeite waard is van een bezoekje, zeker met iets slechter weer.
Het eiland Vágar: Múlafossur waterval en schilderachtige dorpjes
We reden weer terug naar het eiland Vágar en gingen naar het dorpje Gásadalur waar de bekende Múlafossur waterval te zien is. We waaiden bijna weg maar het is een prachtige stopplek. Daarnaast zijn we bij een uitzichtpunt gesopt waar we het (vogel)eiland Mykines konden zien. Dit een populair uitstapje in de zomermaanden waarbij je met een ferry naar het eiland oversteekt en hier bijvoorbeeld de Papegaaiduikers of de Jan van Genten kolonie kan bezoeken. Let op; deze ferryoversteek dient ruim van te voren te worden geboekt en er bestaat een grote kans dat hij geannuleerd zal worden als het weer te slecht is. We bezochten het dorpje Bøur aan de westkant van het eiland Vágar met een prachtig uitzicht op het eiland Tindhólmur en de rotsformaties Drangarnir. In dit dorpje ga je terug in de tijd met smalle straten en oude authentieke Faeröer huizen. Ons diner was in Pakkhúsið, een restaurant wat met name voor groepen gereserveerd kan worden. Hier werden de verhalen van vroeger verteld terwijl we een heerlijk diner kregen.
Eysturoy: wandelen langs fjorden en de kloof van Gjógv
Het eiland Eysturoy is het tweede eiland betreft grootte en hier is de hoogste berg van de Faeröer te vinden, het is natuurlijk te raden, maar hier kan fantastisch gewandeld worden. Daarnaast is hier een zeer fotogeniek plekje te vinden in het dorp Gjógv, the Hamlet bear. Dit dankt zijn naam aan een prachtige kloof van 200 meter lang die eeuwenlang is gebruikt als natuurlijke haven. Er zijn trappen die helemaal naar beneden lopen zodat bezoekers hier kunnen genieten van de geluiden van de zee maar ook boven de kloof is een uitzichtpunt dat goed toegankelijk is.De noordelijke eilanden Viðoy en Borðoy: ruige kust en Vikingverhalen
We vervolgen onze weg naar de Noordelijke eilanden en het dorp Viðareiði, hier ligt een prachtige kerk op het puntje van het eiland met rondom kliffen. We waren hier tijdens storm ‘Amy’ en dit gaf best dramatische beelden maar het kan nog meer spoken hier (kregen we van de gidsen te horen). We reden terug naar Klaksvík waar we een heerlijke lunch hadden en waar een heel oud ‘vikinghuis’ staat. In dit huis worden met name groepen geplaatst om wat te eten maar ze zijn bezig met een soort traditioneel wafel café voor de individuele reiziger.
Tórshavn: hoofdstad met charme en historie
Tórshavn, de hoofdstad van de Faeröer eilanden heeft nog steeds een oud stadscentrum. Hier kun je prachtige doorheen dwalen maar nog leuker is om dit met een gids te doen. Het havengebied heeft iets weg van Nyhavn in Kopenhagen maar dan een stukje kleiner. Hier komen ook de schepen van de Smyril Line aan. Daarnaast een prachtig ‘fort’ bovenop de berg met daarbij nog een aantal kanonnen die zijn overgebleven uit de Tweede Wereldoorlog. Nabij Tórshavn kunt u ook het nationale museum bezoeken. De permanente tentoonstelling in het Nationaal Museum biedt een kijkje in de geologie, botanie, zoölogie, archeologie, het volksleven en de geschiedenis van de Faeröer. Tot de culturele schatten in de tentoonstelling behoren onder meer de originele Faeröerse roeiboot, de volledige collectie van de legendarische Kirkjubøur-banken uit de 15e eeuw, diverse nationale klederdrachten en interessante vondsten uit de Vikingtijd. Met name een leuke activiteit voor een stormachtige dag.