Voor de derde keer op rij gaan we in onze zomervakantie naar Noorwegen. Dit keer hebben we 28 dagen en dat vraagt om daaaaagenlang omhoog te dennenbomen door Zweden, voor het eerst in ons leven de poolcirkel over te gaan en vervolgens hoog in Noorwegen uit te komen op het oh zo prachtige eiland Senja om daarna via de Lofoten en de Helgelandskysten af te zakken naar Steinkjer. Een ware roadtrip met ons gezin die van het ene highlight naar het andere ging. Rij je met ons en onze Land Rover MIKE mee?
1. Logeren in Hamn i Senja
Senja ligt nog bóven de Lofoten en is een ware, nog nauwelijks door toeristen ontdekte parel van Noorwegen. Het is het op een na grootste eiland van Noorwegen en heeft een binnenland vol bossen, meren en valleien en een ruige en gave kustlijn met hoge bergen en fjorden die diep in het landschap snijden. We logeren in Hamn i Senja. Een klein paradijs, met aan de ene kant een haventje waar kleurige bootjes dobberen in het azuurblauwe water en aan de andere kant uitzicht op de weidse oceaan. Hoewel het er in augustus pas heel laat in de avond een soort van donker wordt, zorgt de zons-niet-zo-ondergang hier voor prachtige luchten om naar te blijven staren. Gelukkig hebben we een paar dagen en nachten om de betovering van Senja te ervaren en heerlijk te toeren langs de diverse landschappen die het eiland biedt.
2. Senja’s Scenic Route
De Senja Nasjonale Turistveg, de Scenic Route, voert ons langs echt witte stranden, azuurblauw water, kleurige kleine vissersdorpjes en hoge bergen. We reden al meerdere van de achttien Scenic Routes die Noorwegen heeft en deze over Senja is weer vertrouwd schitterend. De route voert omhoog en omlaag door de dorpjes op het eiland, slingert langs de fjorden en brengt de hoge bergen dichterbij. Het toffe van een Scenic Route is altijd de combinatie van een spectaculaire route met ook nog eens coole architectuur. Zoals de Gulldasset, het gouden toilet bij Ersfjordstranda dat het duurste openbare wc-gebouw van Noorwegen is en dat in de zon staat te shinen langs de weg. Dat vraagt om er even te plassen, al hoef je misschien niet. Natuurlijk stoppen we ook op uitzichtpunten als het platform Bergsbotn en het houten Tungeneset, dat ons over de rotsen voert tot waar de grillige Oksen-bergen aan de overkant hun drakentanden laten zien, de Devil’s jaw. Andere highlights op Senja zijn de vissersplaatsjes Torsken, Gryllefjord, Mefjordvær (met ook een tof wc-gebouw) en Husøy, dat je via een 300 meter lange dijk met toffe straatkunst kunt bereiken.
3. Panoramisch Hinnøya
Eigenlijk willen we niet weg van Senja, maar de volgende stop is een droom: de Lofoten. We logeren in een rood huisje met veranda op Offersøy, dat aan de zuidpunt van het grootste eiland van Noorwegen (Hinnøya) ligt, als uitgangspunt om de Lofoten te bezoeken. In de verte zien we de bergtoppen al, met sneeuw bovenop en diamantlicht dat schittert over de fjord. Ook hier is het weer práchtig en maken we wandelingen langs de kustlijn met panoramisch uitzicht op honderden rotsen die in het water liggen en waar het avondlicht speelt met lucht en spiegelend water. Er zijn prachtige routes langs de kleinste weggetjes, waar soms ineens 1 bordje staat en dan weet je dat je moet stoppen om ook het mooie Skulpturlandskap van Noorwegen te ervaren. Zoals een gigantische steen met een glanzend gat erin, ‘The Eye in Stone’. Het staat aan de rand van het water als een object in het verder lege landschap. Als je erdoorheen kijkt, zie je de fjord in een nieuw perspectief. Verderop komen de geiten van de geitenboerderij (let op: ook 1 bordje langs de weg) net aangemekkerd en kijken we hoe één hond honderd geiten binnen de hekken dirigeert.
4. De Lofoten
Als we de Lofoten bezoeken is het een Noorse dag vol regenbogen en ruitenwissers die de bergen en fjorden telkens opnieuw in ons zicht wapperen. We zouden vanuit Raftsundet wel helemaal tot Å, het uiterste puntje in het westen van de Lofoten, willen rijden. Van eiland tot eiland, over brug na brug. Maar wie Å zegt, moet ook weer helemaal terugrijden. En omdat dit prachtige deel van Noorwegen de kilometers op de kaart langzamer laat rijden dan we in Nederland gewend zijn (hoe heerlijk en het is ten slotte ook weer een ware Scenic Route) vragen de Lofoten om echt een eigen keer naar toe terug te komen. Om dan langs nog veel meer randen van de fjorden te gaan rijden en oneindig te turen naar de grillige bergtoppen die oprijzen uit de oceaan. En misschien daar hoog bovenin de ‘Geitenspranget’, een sprong van anderhalve meter te wagen van rotsblok naar rotsblok, met tientallen meters diepte eronder? Om langer rond te kijken in hoofdstad Svolvær, in de vissersdorpjes rond te wandelen en zelf koffie te zetten op de witte stranden, met onze voeten in het heldere water. Natuurlijk met een kanelbolle erbij, die hier iedere dag smaakt.
5. Lødingen, Bognes en de E6
De koffie smaakt de volgende dag extra lekker als we aan dek staan van de eerste ferry tijdens deze roadtrip. In Lødingen gaan we aan boord voor de overtocht naar Bognes, die meer dan een uur gaat duren. De wind wappert de Noorse vlag op het achterdek, net als onze haren en de oren van onze Duitse Staande Teddy. Weer aan land kilometeren we zuidwaarts langs de prachtige E6, die langs de fjorden voert en wordt afgewisseld met korte tunnels, lange tunnels, moderne tunnels en nauwelijks afgewerkte tunnels waar twee vrachtwagens elkaar bijna stapvoets moeten passeren. We houden een turflijstje bij (het worden er ruimschoots, ruímschoots meer dan 100 deze vakantie) en na ook nog eens heel wat procenten stijgen en dalen over de bergen en rijdend door het binnenland, is het uiteindelijk rechtsaf naar Bodø, de ‘mini-metropool van het noorden’.
6. Bodø en Wood Hotel
In Bodø overnachten we in het het fantastische Wood Hotel, dat uittorent boven de stad en uitkijkt over de fjord en het vliegveld. We zien ze vliegen en dromen ervan om nog even met een binnenlandse vlucht terug te vliegen naar de Lofoten. Al is het Wood Hotel weer een plek om niet uit weg te willen. Het hotel is om naar te blijven kijken met alle kleur, gezelligheid, sfeervolle lounge en hoekjes en op de bovenste verdieping een heerlijk restaurant met de volgende ochtend een ontbijtbuffet, with a view én hotelgemaakte Noorse wafels. Bij goed weer kun je je koffie buiten wel heel speciaal drinken op het bijzondere uitzichtsplatform dat je boven Bodø laat zweven. Bodø nodigt ons uit om naar beneden en naar buiten te komen en de stad te bezoeken en bied kloeke straten, een moderne mall vol winkels en de bibliotheek Stormen, die met zijn glazen gevel, architectuur en uitzicht een van de mooiste bibliotheken ter wereld is.
7. Helgelandskysten
Vanuit Bodø rijden we de Helgelandskysten Scenic Route, die al snel na Bodø langs de Saltstraumen voert. Dit blijkt de sterkste getijdenstroom ter wereld, waar je van bovenaf de draaikolken van wel 10 meter doorsnee ziet waaieren in de 3 kilometer lange en 150 meter zeestraat, waar elke 6 uur 400 miljoen kubieke meter water passeert. Hier zou je kunnen snorkelen of duiken om de bijzondere onderwaterwereld vanaf de andere kant te ervaren, maar wij blijven boven water en houden verderop pauze bij de Ureddplassen. Dit is een golvend toiletgebouw dat op een breed terras staat en spectaculair van zichzelf een dito uitzicht biedt over de fjord en verderop de open zee. Hier is de bovenwaterwereld nu ook nat met slagregens die de grijze lucht in het grijze water laten overgaan. Het design van de Ureddplassen blijft prachtig en is niet voor niets uitgeroepen tot een van de beste buitentoiletten ter wereld. Verderop langs de Helgelandskysten ligt uiteindelijk de Svartisen gletsjer die turquoise kleurt en het grootste met ijs bedekte gebeid van Noord-Noorwegen is. Ook hier zou je langer kunnen blijven om met een shuttleboot dichterbij te komen, maar het schema roept en daarop staat de volgende ‘ordinary’ ferry.
8. Terug over de Poolcirkel
Deze ferry vaart vanuit Jektvik naar Kilboghamn en duurt weer lekker lang, één uur en tien minuten. Een hoogtepunt van deze overtocht: we varen over de Poolcirkel. We vragen aan boord na hoe laat dat zal zijn, maar ze hebben geen idee. Hier is de Poolcirkel business as usual, maar voor ons voelt het bijzonder. Met de wind door onze haren en een glimp van gletsjerblauw in de verte varen we een onzichtbare lijn over, terug naar ‘onder de poolcirkel’. Weer aan land toeren we met nog steeds veel plezier verder, op naar Nesna waar een geel huisje ons stralend verwelkomt tussen alle tinten grijs die de natuur vandaag biedt in de regen en heerlijk harde wind. Om de hoek, op maar 300 meter lopen, is de haven, waar we na twee nachten de volgende ferry weer zullen nemen. We zien verschillende ferry’s naar eilandjes verderop gaan (we willen het al-le-maal doen, weten wie daar wonen en hoe, misschien wel een zeearend spotten, maar de tijd…). En ondertussen zien we de Havila Kystruten aanmeren, de bekende moderne postboot, en mijmeren we even wat over hoe het zou zijn om Noorwegen een keer met een bootreis te beleven.
9. Steinkjer
Het volgende deel van de route begint met de ferry, wat ons iedere keer een dotje extra vakantiegevoel geeft. Waar veel mensen in hun auto blijven zitten, stappen wij, hoe kort de overtocht soms ook is, altijd uit om even in de salong te kijken en aan dek naar het water te staren. De wind is gaan liggen, de golven schuimen minder wit en het landschap is weer verschenen om bewonderd te worden. Vandaag rijden we naar Steinkjer en beleven we Noorwegen door de ogen van Teddy. Want nu we min of meer halverwege het noordelijke en zuidelijke punt van het land zijn, staan er ook weer schapen langs en op de weg. En dan is het voor hem ook écht vakantie. Gebiologeerd zit hij strak rechtop achterin, om als we doorrijden nog lang in de verte te turen waar ze zijn gebleven. In de verte voor ons zien wij Noorwegen weer bebouwder en bewoonder worden en weten we hoe mooi het ook daar nog weer zal zijn. Maar als wij ook naar achteren kijken, dromen we nog even terug naar het Noorden…
Meer dromen en verhalen van mij lees je terug op mijn blog.
Meer dromen en verhalen van mij lees je terug op mijn blog.